Brandweer Hunsel  

Oude Pomp - Dagblad De Limburger

Pools afdankertje is pronkstuk van Hunsel

Niki van der Naald

Hunsel - Alleen branden blussen of een koe uit een put redden, vindt de brandweer van Hunsel niet genoeg. Met hun club De Oude Pomp lappen de brandweermannen ook uitgerangeerde spuitwagens op.

Vroeger? Toen was het leven van de brandweer nog simpel. Met een omroephoorn schalde de zelfbenoemde commandant over het hele dorp dat er brand was. Vervolgens haalde hij de kapper, de bakker en de postbode met paard en spuitkar op om mee te helpen met blussen. Licht beschonken of niet.

,,Het ging op z'n boerenfluitjes. Ik ben blij dat we nu een hypermoderne spuitwagen hebben, hoor. Dat is ook beter voor onze ruggen. Maar met de restauratieprojecten van stichting De Oude Pomp kruipen we even terug in de oude tijden van ons brandweervak'', verzucht de Hunselse brandweercommandant Wiet Zentjens, terwijl hij in de kazerne een gemoedelijk klopje geeft op de compleet gerestaureerde pompkar uit 1912.

Een aantal jaar geleden kreeg het vrijwilligerskorps die klassieke kar van zijn collega's uit de Hunselse zusterstad Pogorzela in Polen. Een afgeragd cadeau, waar nog behoorlijk aan gesleuteld moest worden. Meer dan achthonderd manuren hebben de brandweerlieden iedere vrije donderdagavond besteed aan de restaurate. ,,Het was een wrak toen hij hier aankwam. We kregen letterlijk en figuurlijk een los pak verroeste onderdelen mee. Maar nu werkt hij weer helemaal zoals hij in 1912 ooit heeft gedaan'', vertelt oud-brandweerman Peter Geusen.

Met als gevolg dat de kar nu duizenden euro's waard is en daarom verzekerd moet worden. Om dat makkelijker te maken, besloten de mannen Stichting De Oude Pomp op te richten. Voorzitter Geusen: ,,Als Hunsel binnenkort gaat fuseren met andere gemeenten in Midden-Limburg, is het beter om de kar niet in gemeentelijk beheer te hebben. Je weet maar nooit waar hij anders naartoe moet verhuizen. Nu is en blijft de pomp van ons.''

In de Poolse kar zit een wateropslag, die van tevoren met behulp van emmers gevuld moest worden. Daarna was het een kwestie van handmatig pompen met vier brandweerlieden, om een waterstraal te kunnen produceren. Geusen: ,,Je verbaast je er nog over hoe goed je ermee kunt blussen. Meestal trokken de mannen hem zelf, of je moest al de beschikking hebben over paarden.'' Nog tot in de jaren vijftig werd de ouderwetse pomp in Polen gebruikt. De collega's in Hunsel reden destijds al rond met een modernere motorspuitwagen: het voertuig dat stichting De Oude Pomp onlangs nog voor 1 euro van de gemeente kocht.

Want de brandweermannen hebben de smaak nu zo te pakken dat ze zich wagen aan een tweede restauratieproject. ,,De motorspuit is ondertussen ook al weer een klassieker die we willen opknappen. We hopen nog ooit de bijbehorende Thames-auto terug te vinden, die het ding trok'', aldus Zentjens.

Het Hunselse korps showt maar wat graag zijn brandweervoertuig aan collega's. De mannen van De Oude Pomp lopen regelmatig mee in historische stoeten, bijvoorbeeld als een ander brandweerkorps in Nederland jubileert. Zentjens: ,,Mét boerenkiel aan en op klompen. Als de motorspuit is opgeknapt, kunnen we die ook meenemen om te laten zien hoe snel onze voertuigen in vijftig jaar tijd veranderden.''

Vinden de Polen het niet raar dat die gekke Hollanders met opgelapt Oost-Europees schroot door het dorp paraderen? Volgens de commandant is de grap juist dat Hunsel eerder een brandweerwagen heeft afgestaan die in Nederland niet meer aan de veiligheidsnormen voldeed. ,,In Pogorzela rijdt een Hunselse tankautospuit rond, die wij niet eens meer herkenden. Zo goed was hij opgeknapt. Mooi toch dat we elkaars 'afdankertjes' overnemen.''

Het brandweerkorps van Pogorzela vond het volgens de leden van De Oude Pomp dan ook geweldig om te zien hoe hun oude kar in ere is hersteld door het korps van Hunsel. Zentjens: ,,We hebben zelfs de alom bekende materiaalbeugel aan de achterkant laten zitten, waarop in Polen altijd een kistje met wodka stond. Maar in Hunsel stoppen we er natuurlijk alleen gereedschap in'', knipoogt hij.


Bron: Dagblad de limburger, dinsdag 12 april 2005

Deze website wordt mogelijk gemaakt door Wim Weekers.